Wandelroutes voorbereiden begint niet bij een lange paklijst, maar bij één heldere keuze: waar wil je lopen en hoeveel tijd heb je echt? Noteer afstand, ondergrond en een logisch keerpunt.
Kijk daarna naar het karakter van de route. In het bos helpen herkenbare kruisingen en kleurmarkeringen; in de stad zijn pleinen, bruggen en stations vaak betere ankers.
Leg tenslotte een eenvoudig alternatief vast. Zo blijft de wandeling prettig als een pad modderig is, een straat is afgesloten of de groep eerder wil omkeren.